Geef niet meer uit dan er binnenkomt: pion én speler.
Deel II van een drieluik over financiële autonomie.
Waar ik deel I van mijn drieluik Het beest in de bek kijken eindigde bij het principe waar mijn vriend bij zweert (geef niet meer uit dan er binnenkomt), wil ik dat in dit tweede deel centraal stellen. Klinkt simpel. De rekensom snap ik ook wel. Maar ernaar leven is iets anders.
Vooral dat ‘geef niet meer uit dan’ intrigeert me. Al valt of staat dat natuurlijk met hoeveel er binnenkomt. Laat ik daar beginnen.
Daar heb ik namelijk niet altijd grip op. Of beter gezegd: ik heb die grip deels bewust losgelaten. Ik zou in loondienst kunnen gaan, kiezen voor een vast salaris en daarmee zekerheid creëren. Maar dat wil ik niet. De onzekerheid die hoort bij doen wat ik het allerliefst doe, neem ik voor lief. En ja, ik besef dat het een privilege is om die keuze überhaupt te hebben.
Desondanks lonkt die vaste baan soms. Financiële zekerheid lijkt me gewoon ook wel heerlijk rustig. Want afhankelijk zijn van samenwerkingen op Instagram -waar ik al tien jaar actief ben - brengt onrust met zich mee. Er is nu veel meer aanbod, jongere en actievere influencers, en de aanvragen zijn minder vanzelfsprekend dan vroeger.
Op zulke momenten denk ik: the universe has my back. Misschien is het juist een duwtje richting dat andere pad waar ik al langer naartoe wil. Tegelijk kost investeren in een meer journalistieke carrière tijd... en dus inkomen. En toch: juist omdat ik nu scherper zie waar ik heen wil, ben ik bereid om nog minstens zes maanden in deze transitiefase te blijven. Dat begint met erkennen dat de wens voor financiële stabiliteit er is, maar dat die op dit moment door mijn eigen keuzes simpelweg nog niet realistisch is.
In de tussentijd kan ik me wel focussen op wat ik uitgeef en dat idealiter minimaliseren. Om een inkijkje te te geven in mijn persoonlijkheid: ik schrijf dit terwijl ik net terugkom van een kleine shopping spree met m’n jongste dochter: paastakken van €9,50, had ik die echt nodig? Acrylverf à €20 om echte paaseieren met de kids te kunnen verven en toch een koffietje à €3,50 onderweg... Nou goed, kleine stappen.
- Advertentie -
Dit drieluik rondom finance wordt je aangeboden door ASN Bank en is daarom voor al mijn abonnees beschikbaar. Mijn vriend en ik wonen samen en hebben een kind, maar onze financiën als koppel hebben we nog niet goed op orde. We delen een huisrekening voor vaste lasten en boodschappen, maar moeten er maandelijks op bijstorten. Grip op onze uitgaven is stap één. Maar eigenlijk wil ik ook weten welke samenlevingsvorm bij ons past, hoe het zit met partnerpensioen en wat er financieel gebeurt als we ooit uit elkaar zouden gaan. Niet als noodscenario, maar als volwassen voorbereiding. Dus, ik ga dit anders doen en begin bij de samenwonenchecklist van ASN Bank.
Dat principe draait natuurlijk grotendeels om wat eruit gaat. En daar wringt het bij mij soms. Niet omdat ik roekeloos ben, maar omdat het in de praktijk minder zwart-wit is dan het klinkt. Je kunt namelijk best uitgeven vóórdat het geld er is. Via een creditcard, via apps als Klarna, door tijdelijk in te teren op spaargeld, door een betaling even vooruit te schuiven. Het zijn allemaal manieren om ruimte te creëren in het moment.
Alleen: die ruimte moet later wel weer opgevuld worden.
Wat er bij mij gebeurt, is dat ik soms kies in het nu. Die paastakken, bijvoorbeeld. Iets kopen, iets doen, iets mogelijk maken terwijl ik ergens ook weet dat het krap wordt. Dan schuif ik het ongemak even vooruit, om het later alsnog tegen te komen. Geen totale chaos, maar eerder een soort maandelijkse puzzel. Een Tetris-achtig spel waarin alles uiteindelijk wel moet passen. En soms zit je dan dus op de blaren.
Waarom is het toch zo moeilijk om mijn uitgavenpatroon te beteugelen?
Daarvoor moet ik kijken naar het grotere geheel. Want jij en ik, we zijn ten slotte maar kleine pionnen in een veel groter spel: het kapitalisme. Meer productie, meer verkoop, meer winst. En dat systeem functioneert het best als wij blijven kopen.
We zijn er eindeloos in getraind om te geloven dat de oplossing buiten ons ligt. In die broek, dat vloerkleed, die crème. Alsof bezit gelijkstaat aan welzijn. Dat is consumentisme: een levensstijl waarin kopen niet meer alleen gaat over wat je nodig hebt, maar over wie je bent, hoe je je voelt, en hoe je gezien wilt worden. We zijn daarin gaan geloven.
Het gaat zelfs zo ver dat we spullen vervangen die nog prima functioneren. De iPhone is daar een perfet voorbeeld van. Ik loop rond met een iPhone 13 die inmiddels bijna archaïsch voelt gezien er al een model 18 uit is, terwijl deze het gewoon nog doet. Bedrijven noemen het zelfs een probleem als we onze spullen niet vervangen: ‘device hoarding’. Alsof vasthouden aan iets dat nog goed werkt afwijkend gedrag is.
Die telefoon is overigens de ultieme etalage. Waar je vroeger een winkelstraat moest opzoeken, draag je die nu de hele dag bij je. In je zak. Eén scroll op Instagram en je staat midden in een eindeloze stroom van advertenties en perfect gestylede levens. Niet omdat je iets nodig had, maar omdat het je wordt aangereikt.
En zo wordt kopen bijna onvermijdelijk. Dat maakt het lastig om dit alleen als een individuele tekortkoming te zien. Natuurlijk, we maken zelf keuzes. Maar we bewegen ook in een systeem dat continu op ons duwt. Zoals Teun van de Keuken scherp beschrijft in De mens is een plofkip: veel van wat we als persoonlijke zwakte zien, is in werkelijkheid het gevolg van structurele prikkels. Onze collectieve koopdrang is daar een voorbeeld van.
Als ik dieper in de psychologie van mijn uitgaven duik, speelt er nog iets anders mee: overzicht.
Iets kopen geeft rust. Het is een afgebakende handeling, een to do die je eenvoudig kunt afvinken. Even scrollen, kiezen, in de winkelmand, afrekenen en klaar. Binnen een paar klikken voelt iets afgerond. Terwijl de rest van de dag misschien alle kanten op schiet. Op een gekke manier brengt zo’n aankoop dus orde in de chaos.
Dat het vervolgens vaak niet past, tegenvalt of weer teruggestuurd moet worden (en mijn to-dolijst daarmee juist langer wordt) is een zorg voor later.
Het is interessant, en eerlijk gezegd ook nodig, om te begrijpen waar die neiging vandaan komt. Maar inzicht alleen, daar koop ik zogezegd dan weer niets voor.
Al helpt het wel. Want hoe beter ik snap in welk systeem ik me beweeg en wat er in mijn eigen hoofd gebeurt, hoe groter de kans dat ik er soms níét in meega.
Hoe vertaalt zich dat dan concreet? Ik heb mezelf een challenge opgelegd en de afgelopen 6 maanden geen nieuwe kleding meer gekocht (wel af en toe gehuurd!). Soms baal ik van weer hetzelfde, maar mede door mijn nieuwe capsule wardrobe (linken) lukt het me toch ook wel om leuke combi’s te blijven maken. Afgezien van een koopdrangstuiptrekking zo nu en dan ben ik gelukkig en niet per se onzekerder.
Ook heb ik alle schoonheidsbehandelingen stopgezet en dat tikt aan: de schoonheidsspecialiste (€125 per kwartaal), m’n haar verven (€200 per half jaar), Biab-nagels (€75 per 5 weken), waxen (€75 per 6 weken), pedicure (€80 half jaarlijks), m’n haar knippen (€80 per halfjaar).
Dit niet doen kost ook wat: ik moet nu af en toe tegen lange (lelijke, vind ik stiekem) beenharen aankijken omdat scheermesjes op zijn en ik steeds vergeet nieuwe te kopen. Maar m’n uitgroei vind ik hartstikke mooi en m’n lange haar prima. M’n afbrokkelende, gechipte nagellak nagels zijn niet om aan te zien, maar soit. En in m’n gezicht zie ik eigenlijk geen verschil.
Wel bevrijdend, moet ik zeggen. Al baalde ik van de waxer, ik voel me gewoon net wat aantrekkelijker als ik gewaxt ben. Van m’n vriend kreeg ik daarom voor Valentijn een onbeperkt abonnement op een Brazilian wax. Super lief! Tegelijk realiseerde ik hoe gek het eigenlijk is dat wij die altijd zelf betalen als vrouw... doen we het namelijk niet ook een beetje voor hem? Dat brengt me terug bij het systeem, dit keer schoonheidsidealen die mij op de kosten jagen.
Kosten reduceren betekent op veel vlakken andere keuzes maken en vooral: gewoontes doorbreken. Zelf koffie zetten en meenemen. Bewust boodschappen doen en koken volgens een weekplanning. Minder vaak buiten de deur lunchen of eten. Het zijn geen spectaculaire veranderingen, maar ze tellen op. Wat me opvalt: het is vooral een kwestie van wennen. Die nieuwe modus van boterhammen meenemen naar werk bevalt me bijvoorbeeld verrassend goed.
En er zit ook meer voldoening in. De koelkast ‘opkoken’, iets lekkers maken van wat er al ligt, in plaats van automatisch Uber Eats openen. Het voelt simpeler, maar ook rijker. Gratis uitjes in plaats van naar de film. Er zijn fantastische speeltuinen in Amsterdam met gratis toegang (Jeugdland, Blijdag) waar we, als het even kan, heengaan met een thermoskan koffie. Laatst was ik een middag naar de bieb met m’n dochter waar kinderen tot 18 jaar ongelimiteerd gratis (boetevrij) kunnen lenen.
Om iets concreets te doen, maakten mijn vriend en ik een overzicht van al onze abonnementen. Wat meteen opviel: alles loopt door elkaar. Privé, zakelijk, gezamenlijk, via de creditcard en verspreid over vier verschillende rekeningen.
En dan zie je pas hoeveel er eigenlijk loopt zonder dat je er nog bij stilstaat.
In kaart brengen is één ding, opzeggen een tweede. Sommige bedrijven maken het je zo lastig mogelijk - denk aan uitgeprinte brieven met handtekening - dat je er met gemak driekwart van de tijd op stukloopt. Het zou verboden moeten worden!
En ik weet ook goed dat dit de ‘makkelijke’ kant van besparen is. Want hoe zou het zijn als je echt moet snijden in dingen die ertoe doen? Geen biologisch eten meer kunnen kopen. Je kinderen niet op de hobby’s die ze zo leuk vinden. Dat is andere koek en ik moet er eerlijk gezegd niet aan denken. Dat ik ben opgegroeid zonder echte financiële beperkingen, is een groot privilege.
Nou goed, mijn conclusie rond niet meer uitgeven dan er binnenkomt is: het begint met inzicht.
Inzicht in wat je aan financiële ruimte hebt, maar ook inzicht in de systemen die je constant verleiden om meer te kopen.
Maar het loont wel. Uiteindelijk scheelde het ons zo’n €250 per maand. Van een vriendin hoor ik over de app Lunch money. Hier kan je meerdere rekeningen (je gezamenlijnlijke, je prive, je spaar, je creditcard) koppelen en zien hoeveel je gaandeweg uitgeeft. Handig wanneer ik zie dat ik eigenlijk nog maar €100 aan boodschappen deze maand kan uitgeven. Dan ga ik toch nog even die voorraadkast induiken of er niet nog wat in elkaar te flansen valt. En dus ook meteen bijsturen. Het gaat om tijd vrijmaken. Ik probeer nu een keer per maand met m’n vriend samen te komen om een finance-incheckmoment te houden. Hoe gaat het? Moeten we aanscherpen, bijdraaien? Lukt niet altijd maar de wil is er en dat is dan een begin.
Yuki Ko heeft een fantastische podcast over geld, de Podcast Over Poen, die we allemaal zouden moeten luisteren.
De volgende keer, het laatste deel van dit drieduik, duik ik in de wereld van mijn financiële dromen. Hoe creëer ik financiële zekerheid, ruimte om te sparen, om misschien te (leren) beleggen, en wat zou mijn ideale financiële situatie zijn?
Geef dit stuk een like als je het interessant vond en praat mee in de comments:




Interessant! Ik herken hoe heerlijk dat ‘opkoken’ van de koelkast voelt.👌🏻